Welk bestandsformaat (RAW/JPEG) gebruiken?

In het menu van vrijwel iedere spiegelreflexcamera zijn twee formaten voor het fotobestand in te stellen. En met formaat bedoel ik natuurlijk niet de afmeting van de foto in centimeters. 😯

Het is afgeleid van de Engelse term ‘format’.en dat betekent hier: de manier waarop het digitale bestand elektronisch wordt weggeschreven. In het keuzemenu zie je dan meestal RAW en JPEG (ook wel aangeduid met jpg) als mogelijkheden, of een combinatie van beide. Voor de kwaliteit van je foto uit het van belang dat je het verschil tussen RAW en JPEG goed weet.

Een afdrukcentrale zal je echter nooit om een RAW bestand vragen. Maar altijd om een JPEG of een TIFF bestand. Dat doet een aantal fotografen nog wel eens besluiten om dan maar in JPEG te gaan fotograferen. En dan begint de ellende. Want zo’n bestandje ‘kan’ de laagste kwaliteit bezitten. De instellingen hiervoor kun je vinden in het menu van je camera.

Een handige mogelijkheid is om tegelijkertijd in RAW èn in JPEG te fotograferen, zodat je later snel en gemakkelijk een klein bestand bij de hand hebt om bijvoorbeeld in een mailbericht mee te sturen.

Bestandsformaat RAW JPEG

Zoals je hierboven in het menu kunt zien, zijn er ook camera’s die een ‘mini’ RAW mogelijkheid hebben. Momenteel biedt Canon dit aan op een aantal spiegelreflexcamera’s. In plaats van een RAW-foto met (zoals hier bij de Canon 50D) 15,1 megapixel, wordt een RAW-foto gemaakt op 7,1 of zelfs 3,8 megapixel.

Persoonlijk vraag ik me af wat het nut hiervan is. Hooguit wat ruimtebesparing. Maar zeg nou zelf, je koopt zo’n dure camera toch niet om met de helft of slechts een kwart van de megapixel te gaan fotograferen?

Soorten licht

Bij een opname moet vooral rekening worden gehouden met het licht. Behalve de intensiteit zijn een aantal andere kwalificaties bepalend voor het uiteindelijke slagen van de foto.
 

Lichtkwaliteit

Licht kan zacht zijn, vlak, diffuus, hard, intens, contrastrijk, etc. In een buitensituatie is de kwaliteit van het licht voornamelijk afhankelijk van de zon, maar ook van bijvoorbeeld bewolking, atmosferische omstandigheden en schemering. Op een regenachtige ochtend is het licht heel anders dan op een stralende zomerdag. Je kunt blijven wachten tot de weersomstandigheden naar wens zijn, maar je kunt er ook voor kiezen om het licht te beïnvloeden.
 

Hard licht

Een puntlichtbron als bijvoorbeeld een flitser, een peertje of de zon (vooral midden op de dag) is hard en direct. De diepe schaduwen en felle reflecties maken het onderwerp en de uiteindelijke foto’s erg contrastrijk. Er gaan veel details verloren: zowel in de donkere als de lichte partijen. Daarentegen zijn de kleuren erg intens en verzadigd. Soms is het licht zo hard dat het een deel van de foto wegvaagt.

Soorten Licht

Zacht licht

Zacht licht is afkomstig van grote, diffuse lichtbronnen en verlicht het onderwerp als op een bewolkte dag. Het licht is egaal, dat wil zeggen dat er geen diepe schaduwen zijn of hinderlijke reflecties. De foto’s zijn meestal wat ‘vlak’. Maar wel met veel detail, iets wat vooral belangrijk is in de fotojournalistiek of bij het maken van een portret. De primaire kleuren zijn helder.

Soorten Licht

Gefilterd licht

Bij nevel of mist werken de zwevende deeltjes in de lucht als filters die het contrast reduceren en de kleuren een pasteltint geven. Het kan een interessante sfeer aan de foto geven, maar de dichtstbijzijnde elementen zullen door het geringe contrast onscherp zijn.

Soorten Licht